direct naar inhoud van 2.3 Aanvullende ruimtelijke instrumenten
Plan: Buitenhaven
Status: vastgesteld
Plantype: beheersverordening
IMRO-idn: NL.IMRO.0718.BVBU01-VG01

2.3 Aanvullende ruimtelijke instrumenten

De beheersverordening is één van de beschikbare wettelijke juridisch-planologische instrumenten voor het ruimtelijk beheer van de Buitenhaven. Dit middel kan niet los worden gezien van andere instrumenten, die ook voor het ruimtelijk beheer kunnen worden benut. Deze worden hierna belicht.

2.3.1 Welstandstoezicht

In het kader van het welstandstoezicht wordt het uiterlijk van een bouwwerk beoordeeld aan de hand van zogenaamde redelijke eisen van welstand. De eisen voor de bedrijventerreinen, waaronder de Buitenhaven, zijn vastgesteld in de Welstandsnota 2006. Een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouwen wordt getoetst aan de welstandseisen. Daarmee is het welstandstoezicht een instrument voor het beheer van de ruimtelijke kwaliteit van een gebied.

2.3.2 Het vergunningsvrij bouwen

In bijlage II van het Besluit omgevingsrecht (hierna: Bor), die voortvloeit uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo) zijn bouwactiviteiten opgenomen, waarvoor geen omgevingsvergunning vereist is. Daarbij is onderscheid gemaakt in twee categorieën van vergunningsvrije bouwactiviteiten:

  • de geheel vergunningsvrije activiteiten uit artikel 2 van Bijlage II, die niet binnen een bestemmingsplan of beheersverordening moeten passen;
  • de activiteiten uit artikel 3 van bijlage II, die pas vergunningsvrij zijn, indien deze passen binnen een bestemmingsplan of beheersverordening.

Voor beide categorieën gelden de volgende uitzonderingen:

  • vergunningsvrij bouwen is niet toegestaan in een gebied, dat wegens explosiegevaar of op grond van veiligheidsrisico's onbebouwd moet blijven;
  • het aantal woningen mag niet worden veranderd door vergunningsvrij bouwen; dit is overigens in het gebied Buitenhaven niet aan de orde: er zijn geen woningen aanwezig;
  • wanneer een gebied archeologische resten bevat, is vergunningsvrij bouwen over een oppervlakte van meer dan 50 m² niet toegestaan.

Voor vergunningsvrije activiteiten is logischerwijs geen procedure van toepassing. Deze kunnen zonder meer worden uitgevoerd.

2.3.3 Planologische kruimelgevallen

In bijlage II van het Bor zijn ook de zogenaamd planologische kruimelgevallen opgenomen (artikel 4). Het gaat om zogenaamd bijbehorende bouwwerken, die groter zijn dan de bouwvergunningsvrije bouwwerken, infrastructurele- en nutsvoorzieningen, antennes tot 40 m, duurzame energie-installaties, evenementen en gebruiksveranderingen tot maximaal 1.500 m² binnen de bebouwde kom, inclusief inpandige bouwactiviteiten.

Voor de activiteiten, die via deze 'kruimelgevallenregeling' mogelijk kunnen worden gemaakt, geldt de reguliere voorbereidingsprocedure van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Dit betekent, dat er een beslistermijn van acht weken geldt met de mogelijkheid tot verdaging met zes weken na de datum van ontvangst van een ontvankelijke aanvraag. Nadat de vergunning is verleend, staat daartegen bezwaar en beroep open.

2.3.4 Planologische omgevingsvergunning

Voor – de op dit moment – onvoorziene ontwikkelingen, die niet met de voorgaande instrumenten zijn in te passen, biedt de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) de mogelijkheid van de beheersverordening af te wijken indien wordt aangetoond dat de beoogde ontwikkeling in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Mocht zich gedurende de looptijd van een plan zodoende een situatie voordoen die niet in de beheersverordening is in te passen, noch met voorgaande instrumenten kan worden toegestaan, zal deze situatie worden beoordeeld in het kader van de gevolgen die de betreffende ontwikkeling voor de ruimtelijke kwaliteit heeft.

Voor het bouwen/gebruiken met een ruimtelijke onderbouwing geldt de uitgebreide voorbereidingsprocedure. Deze procedure omvat een termijn waarin de ontwerpvergunning ter inzage wordt gelegd en een ieder zijn of haar zienswijze kan indienen. De procedure heeft een beloop van 6 maanden. Nadat de vergunning is verleend staat hiertegen bezwaar en beroep open.