direct naar inhoud van 3.3 Opzet beheersverordening Buitenhaven
Plan: Buitenhaven
Status: vastgesteld
Plantype: beheersverordening
IMRO-idn: NL.IMRO.0718.BVBU01-VG01

3.3 Opzet beheersverordening Buitenhaven

De beheersverordening Buitenhaven is gebaseerd op de volgende twee uitgangspunten:

  • het beheer van de bestaande situatie;
  • afstemming van de bouw- en gebruiksmogelijkheden op het geldende planologisch regime, voor zover passend binnen de sectorale wetgeving, rekening houdend met de aanvullende instrumenten (zie paragraaf 2.3).

3.3.1 Beheer van de bestaande situatie

Het beheer van de bestaande situatie is één van de uitgangspunten van deze beheersverordening. Dit leidt ertoe, dat de gemeente over een toetsingskader beschikt op basis waarvan omgevingsvergunningen kunnen worden verleend en handhaving kan plaatsvinden. Het bestaande karakter en de bestaande bouw- en gebruiksmogelijkheden van dit havengebied worden zo behouden.

Artikel 3.1 van deze verordening regelt dit uitgangspunt door te bepalen, dat zowel qua gebruik als qua bouwen de bestaande situatie ook de toegestane situatie is. De bestaande situatie bestaat uit gebruik en bouwen:

  • bestaand gebruik: het gebruik van gronden en bouwwerken, zoals aanwezig op het moment, dat de verordening wordt vastgesteld; dit omvat dus het gebruik in ruime zin (zie paragraaf 2.2.1);
  • bouwen (bestaande bouwwerken): bouwwerken, die overeenkomstig de Wabo zijn gebouwd (ofwel vergunningsvrij ofwel op basis van een vergunning) of nog legaal kunnen worden gebouwd (op grond van een nog niet benutte vergunning).

Bij de aanvraag om omgevingsvergunning en in handhavingszaken kan de bestaande situatie door middel van de volgende bronnen worden geraadpleegd:

  • luchtfoto d.d. augustus 2012 (bijlage 1)
    Aan de hand van luchtfoto zijn verschillende waarnemingen mogelijk. Dit betreft onder meer de locatie van de bebouwing, het water (de haven), de spoorweg en de waterkering.
  • lijst met functies (bijlage 2)
    In bijlage 2 is een lijst opgenomen, waarin per adres is weergegeven welke functie(s) op dat adres worden uitgeoefend. Dit betreffen gegevens uit de gemeentelijke Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) en de WOZ (Wet onroerende zaken). Aan de hand van deze lijst kan exact worden teruggevonden wat de bestaande situatie (functie) is.
  • archief omgevings- en bouwvergunningen
    Door middel van het gemeentelijk archief met verleend bouw- en omgevingsvergunningen is per geval de bestaande c.q. vergunde situatie inzichtelijk.

3.3.2 Afstemming planologische mogelijkheden

In de regels zijn de mogelijkheden overgenomen vanuit het geldende planologische regime. De afzonderlijke functies in het gebied zijn onderverdeeld in besluitvlakken. Daaraan zijn, waar nodig, aanvullende regels gesteld ten aanzien van het bestaande gebruik en de aanwezige bebouwing.

  • Het besluitvlak Bedrijventerrein - Haven omvat de bedrijfspercelen. Hier is kade- en havengebonden en daaraan gelieerde bedrijvigheid toegestaan. Voor de Marinekazerne is een aanduiding toegevoegd (besluitsubvlak). Dit perceel hoort gelet op het karakter tot het havengebied en behoeft om die reden geen afzonderlijk besluitvlak waarbij andere bedrijvigheid zou zijn uitgesloten. Alle gronden/kades behoren tot het gezoneerde industrieterrein als bedoeld in de Wet geluidhinder.
    • 1. Voor twee bedrijfslocaties in het zuidwestelijk deel van het plangebied, zijn bedrijven toelaatbaar gesteld tot en met categorie 4.1 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten (Rijkswaterstaat, Holland Radio).
    • 2. Ter plaatse van de westelijke kade langs de spoorlijn zijn bedrijven toegestaan tot en met categorie 4.2.
    • 3. Het noordelijk gedeelte van het haventerrein is geschikt voor bedrijven tot en met categorie 5.1.
    • 4. Categorie 5.2-bedrijven zijn toelaatbaar op de oostelijke kade.
    • 5. Deze milieuzonering is gebaseerd op de milieuzoneringskaart zoals opgenomen in bijlage 3. Daarbij is van betekenis dat het gebied westelijk van het haventerrein gelegen, wordt doorsneden door een spoorlijn en één van toegangswegen tot Vlissingen, vanaf de A58. Het gebied heeft een gemengd karakter in de vorm van de Kenniswerf. Aan de noordzijde ligt de A58 met 'daarachter' de kern Oost-Souburg. Door de ligging aan de A58 is ook hier sprake van een gemengd gebied. De bedrijventerreinen aan de (noord)oostzijde, de agrarische bedrijvigheid, zuivering en de toegangsweg tot Vlissingen-Oost, zorgen aan die zijde voor een gemengd karakter. Hiermee is in de milieuzonering rekening gehouden, zodanig dat ter plaatse van de Buitenhaven bedrijvigheid toelaatbaar één categorie hoger, ten opzichte van een bedrijventerrein naast een rustige woonwijk.
    • 6. De Staat van Bedrijfsactiviteiten is afgeleid van de VNG-brochure en volgt in die zin de opzet van die brochure. Daarnaast heeft een selectie plaatsgevonden van bedrijvigheid die geschikt is voor vestiging op dit bedrijventerrein voor zeehavengebonden bedrijvigheid.
  • De horecagelegenheid aan de Prins Hendrikweg is voorzien van een afzonderlijk besluitvlak Horeca.
  • Alle infrastructuur is opgenomen in het besluitvlak Infrastructuur. Hiertoe behoren de wegenstructuur, de spoorverbinding en het transferium van de fiets-/voetveerverbinding. Het stationsgebouw en de horecagelegenheden zijn de meest markante gebouwen. Het stationsgebouw is een monument. Een beschermende regeling is opgenomen in de Monumentenwet. In deze beheersverordening is geen regeling noodzakelijk.
  • Het besluitvlak Water - Haven omvat hoofdzakelijk het wateroppervlak met daarnaast steigers en dergelijke. De toelaatbaar gestelde activiteiten zijn gebonden aan de aangrenzende bedrijfspercelen en eveneens behorend tot het gezoneerd industrieterrein.
  • De besluitsubvlakken Waterkering en Hoogspanningsverbinding zorgen met de daaraan gekoppelde regels, voor bescherming van de specifieke belangen. Hierin is ook een regeling opgenomen, in het belang van de waterkering, voor opslag en verwerking van explosiegevaarlijk materiaal.

3.3.3 Onderdelen en opzet van de beheersverordening

De beheersverordening bestaat uit de volgende onderdelen:

  • de verbeelding;
  • de regels (vier hoofdstukken).

Het verordeningsgebied is op de verbeelding aangegeven. De regels bestaan uit vier hoofdstukken.

  • Hoofdstuk 1 van de regels bevat inleidende bepalingen als begripsbepalingen (artikel 1) en regels voor de wijze van meten (artikel 2). Deze bepalingen zijn noodzakelijk voor een juiste interpretatie van de regels.
  • In hoofdstuk 2 zijn de gebiedsregels ofwel de gebruiks- en bouwregels opgenomen. In deze bepalingen is het toelaatbare gebruik van gronden en bouwwerken aangegeven en zijn diverse bepalingen inzake het bouwen opgenomen. Deze bouwregels zijn niet van toepassing op de categorie zogeheten 'vergunningsvrije bouwwerken'. Van een aantal bouwregels kan worden afgeweken. Deze afwijkingsbepalingen zijn eveneens opgenomen in de gebiedsregels.
  • Hoofdstuk 3 omvat een algemene bepaling die voor het gehele gebied van toepassing is: de anti-dubbeltelregel. Tevens is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen tot 10% van de maatvoeringsbepalingen in hoofdstuk 2 van de regels.
  • De overgangs- en slotbepalingen zijn ondergebracht in hoofdstuk 4.

Gebiedsregels

Voor de verschillende bestaande functies zijn afzonderlijke gebiedsregels opgenomen: Bedrijventerrein - Haven, Horeca, Infrastructuur en Water-Haven. In de gebiedsregels is het volgende vastgelegd.

  • Het bestaande gebruik mag worden voortgezet.
  • In aanvulling op de bepaling inzake bestaand gebruik zijn voor de afzonderlijke gebruiksvormen bepalingen opgenomen waarmee de planologische ruimte uit de geldende bestemmingsregelingen, zo veel mogelijk is gecontinueerd.
    Er zijn enkele afwijkingsregels opgenomen. Het betreft hier afwijkingen die zonder uitvoerig onderzoek kunnen worden toegepast. Bij iedere afwijking vinden wel een afweging en toetsing plaats, die zijn niet zo substantieel als bijvoorbeeld bij een wijzigingsbevoegdheid zoals opgenomen in een bestemmingsplan.
  • De aanwezige gebruiksvormen zijn in de tabellen in bijlage 2 vermeld.

Als het ware liggen over de gebiedsaanduidingen, de aanduidingen voor Archeologie, de Hoogspanningsverbinding en Waterkering. Hieraan zijn afzonderlijke regels gekoppeld.

 

3.3.4 Toepassen beheersverordening

Het beheer van de bestaande situatie vormt de basis van deze beheersverordening. Dit leidt ertoe dat de gemeente over een toetsingskader beschikt op basis waarvan omgevingsvergunningen kunnen worden verleend en handhaving kan plaatsvinden. De bestaande kwaliteit van het gebied wordt zo behouden.

Bestaande situatie

In de artikelen wordt dit uitgangspunt geregeld door te bepalen dat zowel qua gebruik als qua bouwen de bestaande situatie ook de toegestane situatie is. De bestaande situatie bestaat uit gebruik en bouwen. Bij de aanvraag om omgevingsvergunningen en in handhavingszaken kan de bestaande situatie door middel van de volgende bronnen worden geraadpleegd:

  • luchtfoto (zie bijlage 1);
  • overzicht gebruik verordeningsgebied (zie bijlage 2);
  • archief omgevings- en bouwvergunningen.

Overzicht gebruik verordeningsgebied

In bijlage 2 is een overzicht opgenomen waarin het gebruik van het verordeningsgebied is weergegeven. Het gaat om een lijst van bedrijven en functies. Deze informatie is ontleend aan de gemeentelijke Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG), de vergunningenadministratie en een veldinventarisatie. Aan de hand van dit overzicht kan exact worden teruggevonden wat de bestaande situatie is.

Archief vergunningen

Door middel van het gemeentelijk archief met verleende bouw- en omgevingsvergunningen is per geval de bestaande situatie inzichtelijk.